Naar hoofdinhoud gaan

Een tabel maken

Doel​

Een nieuwe tabel maken — een tabel die records opslaat — binnen één omgeving, klaar om er velden aan toe te voegen.

Vereisten​

  • Je bent aangemeld met een makerrol (of de rol van platformbeheerder).
  • Je kent de doelomgeving.
  • Je kent het voorvoegsel van de uitgever die eigenaar is (bijvoorbeeld par). De logische naam van de tabel moet met dat voorvoegsel beginnen.

Stappen​

  1. Kies in de linkerzijbalk met de omgevings- en oplossingskiezers de omgeving waarin je werkt en de oplossing waartoe de tabel behoort. Die bepalen je werkcontext voor elke makerpagina; het voorvoegsel van de uitgever die eigenaar is, verschijnt eronder (bijvoorbeeld par_), en elke tabel in de oplossing krijgt dat als naamruimte.
  2. Open Tabellen in de navigatie van de zijbalk.
  3. Voer een weergavenaam in (bijvoorbeeld Invoice). Dit is het leesbare label in het enkelvoud.
  4. Voer een logische naam in die begint met het voorvoegsel van de uitgever van de oplossing, gevolgd door een onderstrepingsteken — bijvoorbeeld par_invoice. De logische naam moet in kleine letters zijn, mag alleen letters, cijfers en onderstrepingstekens bevatten, en moet redelijk kort blijven.
  5. Stel desgewenst een weergavenaam in het meervoud in (bijvoorbeeld Invoices). Laat je die leeg, dan leidt het platform er een af uit de weergavenaam.
  6. Stel desgewenst een pictogramsleutel in (bijvoorbeeld briefcase) uit de pictogramset van het platform. Het pictogram verschijnt naast de tabel in de navigatie van een app; laat het leeg voor het standaardsymbool.
  7. Selecteer Tabel maken.
  8. De nieuwe tabel verschijnt in de tabellenlijst van de omgeving, met één primair naamveld dat al voor haar is gemaakt. Selecteer de naam van de tabel om haar velden, formulieren en weergaven te beheren.

Wat er achter de schermen gebeurt​

De tabel wordt opgeslagen als metagegevens die bij deze omgeving horen. Er wordt automatisch een primair naamveld gemaakt (een tekstveld dat als label van elk record dient), en de gegevenstabel wordt meteen gebouwd in het geïsoleerde gegevensgebied van deze omgeving — de tabel bestaat al voordat het scherm terugkomt, klaar om records te bevatten. De tabel krijgt het voorvoegsel van de uitgever als naamruimte, zodat tabellen van verschillende uitgevers nooit botsen.

Problemen oplossen​

  • "… must be lower snake-case and start with the publisher prefix." — de logische naam moet beginnen met {prefix}_ en mag alleen kleine letters, cijfers en onderstrepingstekens bevatten.
  • "… is not a valid publisher prefix." — het voorvoegsel moet een kort woord in kleine letters zijn (een letter gevolgd door maximaal zeven letters of cijfers).
  • "An entity named … already exists in this environment." — kies een andere logische naam; logische namen van tabellen zijn uniek binnen een omgeving.

Gerelateerde scenario's​